Dutch/Vocabulary/School

< Dutch‎ | Vocabulary

Dutch Vocabulary (School)Edit

         
de
school (v.) - school
het
schoolplein - school yard
de
leraar - male teacher
de
lerares - female teacher
het
bord - board
         
het
krijt - chalk
het
lezen - reading
het
schrijven - writing
het
rekenen - arithmetic
de
wiskunde (v.) - mathematics
         
de
driehoek (m.) - triangle
de
cirkel (m.) - circle
evenwijdig - parallel
loodrecht - perpendicular
de
geschiedenis (v.) - history
         
de
aardrijkskunde (v.) - geography
de
gymnastiek (v.) - phys. ed.
het
rapport - grade summary
het
proefwerk - test
de
vakantie (v.) - vacation